BACK Corporate Thursday, April 7, 2016

Portret Group De Wolf in Trends Business

PORTRET GROUP DE WOLF

‘LAAT MIJ MAAR VOORAL MIJN ONDERNEMINGSDRANG BOTVIEREN’

DE ZOEKTOCHT NAAR DE JUISTE EXTERNE TOPMAN

is bij familiebedrijven vaak een leerproces met vallen en opstaan. Ook zo bij het logistieke bedrijf Group De Wolf uit Turnhout. “Eigenlijk ben ik niet meer nodig. Het mag misschien vreemd klinken, maar dat is een grote geruststelling”, vindt de familiale topman Francis De Wolf. SVEN VONCK

Didier Versmissen en Francis De Wolf

Wie wil blijven groeien, moet als eigenaar van een familiale onderneming de touwtjes durven los te laten. “In het begin is dat heel lastig. Maar aan het einde van de rit heb je geen andere keuze”, mijmert de 64-jarige Francis De Wolf, CEO van Group De Wolf, een bedrijf uit Turnhout dat actief is in goederentransport, personenvervoer, logistiek en goederen – opslag.

Anderhalf jaar geleden haalde De Wolf Didier Versmissen als externe COO naar de onderneming. En hoewel Francis De Wolf nog wel de titel van CEO draagt, voert Didier Versmissen grotendeels de algemene leiding. “Ik heb een ongekende luxe: ik kan nu vooral als aandeelhouder vanop een afstand het bedrijf gadeslaan”, zegt De Wolf. “Negentig procent van mijn tijd kan ik vrijmaken en op zoek gaan naar interessante kansen en nieuwe strategische mogelijkheden. Het is dan aan Didier om te bekijken of de tijd daar rijp voor is.”

BLOED, ZWEET EN TRANEN

“WE MOETEN DAT NIET WEGSTEKEN: HET BEGIN WAS HEEL LASTIG EN ER ZIJN TOEN TAL VAN DISCUSSIES GEVOERD. MAAR DE VOORBIJE MAANDEN ZIJN WE HEEL STERK NAAR ELKAAR TOE GEGROEID” DIDIER VERSMISSEN

Didier Versmissen was niet de eerste externe manager die aan het hoofd kwam van het familiebedrijf. Nadat Bob De Wolf – de broer van Francis en tot dan operationeel manager van de groep – zes jaar geleden op zestigjarige leeftijd uit het bedrijf stapte, combineerde Francis De Wolf drie jaar lang de operationele en de algemene leiding. Daarop kijkt hij nu terug als een periode van bloed, zweet en tranen. “Ik ben een ondernemer pur sang. Voortdurend zoek ik naar interessante kansen waardoor het bedrijf kan groeien. Maar hoe dat vervolgens operationeel en technisch aangepakt moet worden, dat spreekt me niet aan”, zegt Francis De Wolf. Daarom ging hij voor het eerst op zoek naar een externe manager. “Ik heb toen meteen iemand als CEO binnengehaald en direct alle touwtjes losgelaten. Dat was fout. Zelf was ik daar niet klaar voor, terwijl ik het bedrijf een richting zag uitgaan die ik niet wilde”, sakkert de eigenaar.

Na de passage van de eerste externe CEO ging Francis De Wolf op zoek naar een nieuwe manager buiten de familie. Deze keer geen CEO, maar een COO. “Door de negatieve ervaring met de eerste externe CEO koos Francis voor een veel voorzichtiger aanpak. Hij wilde niet meteen alle controle uit handen geven. Ik begreep dat wel, zoiets moet evolueren”, zegt Didier Versmissen. “Toen ik hier aankwam, zat het bedrijf in een transitieperiode. Francis’ groeihonger leidde tot twee overnames. Vanuit strategisch oogpunt waren die een hele goede beslissing, maar de organisatie van het bedrijf was nog niet klaar voor zo een snelle groei.” Operationeel kon de nieuwe COO dus meteen een belangrijke rol spelen. “Didier vult mijn zwakke punten heel goed aan”, vindt Francis De Wolf. “Ik word gedreven door een brandende ondernemerspassie. Maar naarmate de onderneming groeit, haal je het niet meer met passie alleen. Dan moet je ook kennis in huis halen die je zelf niet hebt.” Beide mannen namen drie maanden de tijd om elkaar beter te leren kennen, vooraleer ze samen in zee gingen. “Voor mij was er één belangrijke voorwaarde: ik wil een speelveld waarin ik de vrijheid krijg om actief te zijn. En natuurlijk is het maar logisch dat ik aan de eigenaar van het bedrijf verantwoording afleg. Maar ik wil wel zelf beslissingen nemen en lijnen uitzetten. Zo niet heb ik geen enkele geloofwaardigheid in het bedrijf”, schetst de COO. “We moeten dat niet wegsteken: het begin was heel lastig en er zijn toen tal van discussies gevoerd, omdat ik wilde vermijden dat mijn beslissingen ondergraven zouden worden. Maar de voorbije maanden zijn we heel sterk naar elkaar toe gegroeid.”

‘GELUKKIG, IK BEN OVERBODIG’

Group De Wolf

De toenadering kwam in een stroomversnelling nadat de stiefzoon van Francis De Wolf betrokken was geraakt in een zwaar ongeval. “Gedurende twee maanden leefde ik op automatische piloot. Ik moest toen vooral bij mijn familie zijn. Het bedrijf kwam niet langer op de eerste plaats”, schudt Francis De Wolf nog altijd het hoofd. “Ik moest gedwongen wat meer afstand nemen, en zag hoe het bedrijf heel professioneel werd gerund door een goede leider met een sterk team rond zich. Eigenlijk ben ik hier niet meer nodig. Het mag misschien vreemd klinken, maar dat is een grote geruststelling.”

Met Francis De Wolf staat de derde generatie aan het roer van het familiebedrijf (zie kader). Tot in 2010 waren de aandelen verdeeld over Francis, broer Bob en diens twee zonen die ook elk 10 procent van de aandelen in handen hadden. Maar zes jaar geleden stapte Bob De Wolf uit het familiebedrijf en verkochten ook de twee zonen hun aandelen. Ze werken allebei wel nog in de onderneming, als IT-verantwoordelijke en operationeel manager van het personenvervoer. “De samenwerking met mijn broer is altijd vlekkeloos verlopen. Maar de laatste twee jaar groeiden onze visies steeds verder uit mekaar. Ik wilde blijven groeien, onder meer met nieuwe overnames. Mijn broer wilde het wat kalmer aanpakken, omdat hij vreesde dat het bedrijf ons boven het hoofd zou groeien”, verklaart Francis De Wolf de aandelenverkoop. Voor de ontmijning van de patstelling werd een adviesraad met externe mensen in de steigers gezet. Die adviesraad werd geen succes en stierf een stille dood. “We hebben die opgericht om de verkeerde redenen. We verwachtten dat de externe adviseurs als scheidsrechter zouden optreden en hun steun zouden uitspreken voor het ene of het andere scenario. Maar zo werkt het niet”, beseft Francis De Wolf achteraf.

Francis De Wolf

VIER GENERATIES, EEN NIEUW BEGIN

Bij De Wolf Group staat de derde generatie aan het roer. Grootvader Alfons De Wolf startte in 1925 samen met zijn echtgenote Maria Toelen met amper één vrachtwagen een bodedienst tussen Antwerpen en thuisbasis Turnhout. Onder impuls van Francis’ vader Jozef richtte het bedrijf in de jaren vijftig ook twee douaneagentschappen op, waarna Francis De Wolf en zijn broer Bob in 1974 de activiteiten van het goederenverkeer overnamen.

Begin jaren negentig hadden beide broers een transportbedrijf uitgebouwd met 65 vrachtwagens. “We waren twee jonge ondernemers die vooruit wilden en zo sterk mogelijk wilden groeien. Maar we groeiden te snel. Het bedrijf barstte uit zijn voegen en er was nood aan zware investeringen. Daardoor beslisten we in 1994 tot een verkoop aan het Duitse Kuehne+Nagel.”

“Achteraf bekeken was dat een hele goede deal. Mijn broer en ik hadden nooit buiten het familiebedrijf gewerkt. Plots waren we managing directors in een multinational! Daar heb ik ontzettend veel van opgestoken. Het heeft me doen inzien dat je veel verder geraakt als je je doelstellingen jaarlijks hoger legt en je laat omringen door de juiste mensen.” Het inspireerde de twee broers om het familiebedrijf weer van nul op te starten. Intussen telt Group De Wolf 95 werknemers, 101 voertuigen en een omzet van ongeveer 10 miljoen euro.

DE VIERDE GENERATIE

Sinds 2010 zijn de aandelen van het familiebedrijf allemaal in handen van Francis De Wolf en zijn dochter Sarah. Toch is het nog helemaal niet zeker dat de vierde generatie een vervolg breit aan het geschiedenisboek van de familiale onderneming. Want hoewel de 38-jarige Sarah De Wolf meerderheidsaandeelhouder is, is zij niet betrokken bij het dagelijkse bestuur van de onderneming. “We betrekken haar uiteraard bij de onderneming. We vergaderen enkele keren per maand. Sarah heeft zeker een goed zicht heeft op de onderneming. Maar zal ze het bedrijf ook voortzetten? Dat kan alleen zij beslissen”, zegt vader Francis. Voor hem is het geen must. “Ik wil haar in een zo comfortabel mogelijke positie brengen, zodat voor haar of de kinderen alles mogelijk blijft. Maar als ze dit bedrijf niet voortzetten, dan komt er op een dag misschien een managementbuy-out of een verkoop. Mijn grootste bezorgdheid is vooral dat de werkgelegenheid gegarandeerd blijft en dan maakt het niet uit op welke manier dat gebeurt. Maar laat me nu nog maar even vooral mijn ondernemingsdrang botvieren.”

“VOORTDUREND ZOEK IK NAAR INTERESSANTE KANSEN WAARDOOR HET BEDRIJF KAN GROEIEN. MAAR HOE DAT VERVOLGENS OPERATIONEEL EN TECHNISCH AANGEPAKT MOET WORDEN, DAT SPREEKT ME NIET AAN” FRANCIS DE WOLF

http://acties.trends.knack.be/acties/trends/familybusiness/portret-2.jsp


 BACK